ECLI:NL:CRVB:2009:BK4584
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- J.F. Bandringa
- O.L.H.W.I. Korte
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing bijstandsaanvraag wegens onvoldoende motivering
Appellant diende op 3 oktober 2006 een aanvraag in voor bijstand op grond van de WWB. Het College wees de aanvraag af omdat appellant geen verifieerbare bewijsstukken kon overleggen over de herkomst van betalingen die hij had ontvangen. Appellant stelde dat hij door leningen of giften van derden, waaronder [U.] en [C.], in zijn levensonderhoud kon voorzien. De rechtbank verklaarde het beroep tegen het Collegebesluit ongegrond, stellende dat appellant het vermoeden niet had weggenomen dat hij op andere wijze in zijn kosten kon voorzien.
In hoger beroep oordeelt de Raad dat appellant aannemelijk heeft gemaakt dat hij en zijn gezin in de relevante periode bijstandsbehoevend waren. De Raad constateert belastingschulden, betalingsachterstanden en dreiging van huisuitzetting, en erkent dat betalingen door derden zijn gedaan. De aard van deze betalingen als lening of gift is niet relevant, omdat zij voor levensonderhoud zijn gebruikt. De Raad vindt het Collegebesluit ondeugdelijk gemotiveerd en vernietigt het. Het College moet een nieuw besluit nemen.
De Raad veroordeelt het College tevens in de proceskosten van appellant en bepaalt vergoeding van griffierechten. De uitspraak is gedaan door drie leden en uitgesproken op 24 november 2009.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de bijstandsaanvraag wordt vernietigd en het College moet een nieuw besluit nemen.