ECLI:NL:CRVB:2009:BK6528
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Beuker-Tilstra
- G.L.M.J. Stevens
- A.J. Schaap
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herzieningsverzoek erkenning burger-oorlogsslachtoffer Wet 1940-1945
Appellante, geboren in 1947 in het voormalige Nederlands-Indië, heeft sinds 2003 meerdere verzoeken ingediend om erkend te worden als burger-oorlogsslachtoffer op grond van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945. Deze verzoeken zijn steeds afgewezen omdat onvoldoende is aangetoond dat zij direct betrokken was bij oorlogsgeweld tijdens de relevante periode, met name de Bersiap-periode vóór de souvereiniteitsoverdracht.
In haar meest recente verzoek heeft appellante nieuwe getuigenverklaringen overgelegd, waaronder van haar neef, die het tijdstip van de gebeurtenissen betwistten. Verweerster heeft deze verklaringen echter als onvoldoende overtuigend beoordeeld, mede omdat eerdere verklaringen en gegevens erop wijzen dat de gebeurtenissen plaatsvonden na de souvereiniteitsoverdracht in december 1949, waardoor de Wet niet van toepassing is.
De Raad heeft met terughoudendheid getoetst of verweerster terecht heeft afgezien van herziening en concludeert dat appellante in wezen haar eerdere stellingen herhaalt zonder nieuwe feiten aan te dragen. De Raad acht het besluit van verweerster om het verzoek af te wijzen redelijk en verklaart het beroep ongegrond. Tevens wordt geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en het herzieningsverzoek afgewezen.