ECLI:NL:CRVB:2009:BK7004
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- R.H.M. Roelofs
- W.F. Claessens
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens niet gemelde bankrekeningen en schending inlichtingenplicht
Appellanten ontvingen sinds 1997 bijstand op grond van de WWB. Het College ontdekte via IB-vermogenssignalen dat appellanten vier niet gemelde bankrekeningen bij de Demir Halk Bank hadden. Na onderzoek trok het College de bijstand over de periode van 1998 tot 2006 in en vorderde het betaalde bedragen terug.
Appellanten voerden aan dat de tegoeden aan hun kinderen toebehoorden, maar konden dit niet met objectieve en verifieerbare gegevens onderbouwen. De Raad stelde vast dat appellanten de tegoeden daadwerkelijk konden en hebben gebruikt en dat zij de inlichtingenverplichting schonden door deze rekeningen en kasstortingen niet te melden.
De Raad oordeelde dat het College terecht de bijstand introk en de kosten terugvorderde, inclusief de verhoging met loonheffing en premies volksverzekeringen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking en terugvordering van bijstand bevestigd.