ECLI:NL:CRVB:2010:BK8896
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.J.H. Doornewaard
- J. Brand
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering ondanks slaapproblemen en medicijngebruik
Appellante stelde in hoger beroep dat zij vanwege ernstige slaapproblemen en medicatiegebruik niet in staat is om werkzaamheden te verrichten, en dat zij niet in rokerige omgevingen kan werken. Zij voerde aan dat de functies waarop de schatting is gebaseerd, onvoldoende rekening houden met haar beperkingen, met name dat zij niet in de ochtend kan werken en dat zij in de functie gezinshulp/bejaardenverzorgster frequent in rokerige ruimtes zou moeten zijn.
De Raad overwoog dat de rechtbank de standpunten van appellante reeds heeft beoordeeld en dat de nieuwe rapporten onvoldoende steun bieden voor haar beweringen. Het rapport van de verzekeringsarts Offermans vermeldde dat appellante drie uren per dag belastbaar is en gaf geen medische onderbouwing voor het uitsluiten van ochtendwerk. De neuroloog Schimsheimer bevestigde wel slaapproblemen, maar niet in die mate dat werken geheel onmogelijk is.
Ook het bezwaar dat appellante niet in rokerige ruimtes kan werken, werd verworpen omdat er geen medische gronden zijn die dit ondersteunen. De Raad concludeerde dat appellante met haar beperkingen de functies waarop de schatting is gebaseerd kan vervullen. De aangevallen uitspraak van de rechtbank Haarlem wordt bevestigd en er worden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: De herziening van de WAO-uitkering naar 65-80% arbeidsongeschiktheid wordt bevestigd.