ECLI:NL:CRVB:2010:BL6105
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Beuker-Tilstra
- A.J. Schaap
- H.R. Geerling-Brouwer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herzieningsverzoek erkenning burger-oorlogsslachtoffer wegens ontbreken nieuwe feiten
Appellante, geboren in 1944, diende in mei 1993 een aanvraag in voor erkenning als burger-oorlogsslachtoffer en toekenning van een uitkering. Deze aanvraag werd in 1994 en 1995 afgewezen omdat de psychische klachten niet werden toegeschreven aan oorlogservaringen, maar aan affectieve verwaarlozing in haar jeugd. In december 2007 vroeg appellante opnieuw om toekenning van een uitkering, maar verweerster wees dit af wegens het ontbreken van nieuwe feiten of gegevens die aanleiding geven tot herziening.
Appellante stelde zich op het standpunt dat zij psychisch en lichamelijk beschadigd is door de oorlog, verwijzend naar een rapport van haar psychiater die PTSS diagnosticeerde. De Raad oordeelde echter dat deze rapportage geen nieuwe gezichtspunten bood die het eerdere oordeel zouden wijzigen. Ten aanzien van lichamelijke klachten zoals psoriasis en lichen sclerosus concludeerde de Raad, op basis van medisch advies, dat deze niet gerelateerd zijn aan oorlogsgeweld.
De Raad concludeerde dat het bestreden besluit voldoende gemotiveerd en voorbereid was en dat het beroep ongegrond is. Er werd geen proceskostenvergoeding toegekend. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 11 februari 2010.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden die aanleiding geven tot herziening.