ECLI:NL:CRVB:2010:BL8557
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.G. Treffers
- H.G. Rottier
- M.C. Bruning
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering terugwerkende bevordering militair tot eerste luitenant
Appellant, militair bij de Koninklijke Marechaussee, verzocht op 26 september 2005 om een functiewaarderingsonderzoek met terugwerkende kracht tot 1 april 2002, teneinde bevorderd te worden tot eerste luitenant. De staatssecretaris weigerde dit verzoek en bevorderde appellant slechts met ingang van 25 september 2005. De rechtbank vernietigde het besluit wegens onbevoegdheid van de Commandant Kmar, maar handhaafde de rechtsgevolgen van het besluit.
In hoger beroep betoogde appellant dat de terugwerkende bevordering tot 1 april 2002 terecht zou moeten worden toegekend. De Raad oordeelde dat appellant tot het moment van zijn verzoek had berust in de toen toegekende rang van adjudant-onderofficier en dat het verzoek geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden bevatte die een terugwerkende bevordering rechtvaardigen. Evaluatierapporten uit 2000 en 2004 en de uitbreiding van het bureau vormden geen aanleiding tot herziening van de rang.
De Raad stelde vast dat geen uitdrukkelijke, ondubbelzinnige en ongeclausuleerde toezegging was gedaan door het bevoegd orgaan of leidinggevende omtrent terugwerkende bevordering. De rechtbank had de rechtsgevolgen van het besluit terecht in stand gelaten. De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het beroep van appellant af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de weigering tot terugwerkende bevordering tot 1 april 2002 bevestigd.