ECLI:NL:CRVB:2010:BL9756
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing studiefinanciering ondanks beroep op artikel 2 EVRM
Appellant heeft beroep ingesteld tegen het besluit van 6 december 2007 waarbij zijn aanvraag voor studiefinanciering op grond van de Wet studiefinanciering 2000 werd afgewezen. De rechtbank had het beroep gegrond verklaard en het besluit vernietigd omdat de Minister niet op de bezwaargrond was ingegaan dat de afwijzing in strijd zou zijn met artikel 2 van Pro het Eerste Protocol bij het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens (artikel 2 EP Pro).
De rechtbank oordeelde echter dat er geen sprake was van strijd met artikel 2 EP Pro en dat appellant geen recht had op studiefinanciering. In hoger beroep heeft appellant aangevoerd dat de weigering van studiefinanciering feitelijk de toegang tot onderwijs ontzegt en daarmee strijdig is met artikel 2 EP Pro, maar heeft geen nieuwe argumenten aangedragen.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de rechtbank deze beroepsgrond terecht en voldoende heeft gemotiveerd en dat het hoger beroep geen nieuwe gronden bevat die tot een ander oordeel leiden. De Raad bevestigt daarom de uitspraak van de rechtbank en wijst het hoger beroep af. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de afwijzing van de studiefinanciering wordt bevestigd.