ECLI:NL:CRVB:2010:BL9855
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.J.H. Doornewaard
- C.W.J. Schoor
- J. Brand
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit UWV wegens onvoldoende beoordeling duurzaamheid arbeidsongeschiktheid
Betrokkene, voormalig schoonmaakster, meldde zich ziek met hart-, pijn- en vermoeidheidsklachten en vroeg een WIA-uitkering aan. Na medisch en arbeidskundig onderzoek stelde het UWV vast dat zij geen recht had op een WIA-uitkering per 21 januari 2008. In bezwaar werd de uitkering alsnog toegekend, maar betrokkene ging in beroep omdat het UWV onvoldoende rekening had gehouden met de duurzaamheid van haar arbeidsongeschiktheid.
De rechtbank vernietigde het besluit van het UWV en stelde dat het UWV niet het volledige beoordelingskader had gevolgd om de duurzaamheid van de arbeidsongeschiktheid te beoordelen, met name omdat niet was geïnformeerd naar de resultaten van lopende behandelingen, waaronder een knieoperatie en medicamenteuze kuur.
In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep de uitspraak van de rechtbank. De Raad oordeelde dat het UWV onvoldoende onderzoek had gedaan naar de effecten van de behandelingen en dat daardoor het besluit niet voldeed aan de vereisten van zorgvuldigheid en motivering zoals voorgeschreven in de Algemene wet bestuursrecht. Het besluit werd vernietigd en terugverwezen voor een nieuw besluit op bezwaar.
Uitkomst: Het bestreden besluit van het UWV wordt vernietigd wegens onvoldoende beoordeling van de duurzaamheid van de arbeidsongeschiktheid.