ECLI:NL:CRVB:2010:BM4391
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- G.J.H. Doornewaard
- J.P.M. Zeijen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering ondanks medische rapporten appellant
Appellant, die sinds september 2003 wegens rugklachten ziekgemeld was, ontving aanvankelijk een WAO-uitkering van 80% of meer. Deze uitkering werd in april 2007 ingetrokken omdat de arbeidsongeschiktheid was gedaald tot minder dan 15%, maar na bezwaar werd deze herzien naar 45-55% per juni 2007. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen deze herziening ongegrond.
In hoger beroep heeft appellant diverse medische rapporten en brieven overgelegd, waaronder van Psychosofia, neurologen en andere specialisten, die betrekking hadden op eerdere ziekteperiodes en procedures. De Raad stelt echter vast dat deze stukken betrekking hebben op een eerdere beoordelingsdatum en niet zonder meer relevant zijn voor de huidige situatie.
De Raad onderschrijft de zorgvuldige medische beoordeling van het UWV en ziet geen reden om de vastgestelde medische beperkingen in twijfel te trekken. Het voorschrijven van nortriptyline en diclofenac door de huisarts leidt niet tot het aannemen van psychische beperkingen. Ook de arbeidskundige beoordeling toont aan dat de belasting van de functies de belastbaarheid van appellant niet overschrijdt.
Gelet op deze overwegingen faalt het hoger beroep en wordt de aangevallen uitspraak bevestigd. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de herziening van de WAO-uitkering en wijst het hoger beroep van appellant af.