ECLI:NL:CRVB:2010:BM6655
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- J.F. Bandringa
- E.E.V. Lenos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstand en terugvordering wegens schending inlichtingenverplichting bij autohandel
Appellanten ontvingen vanaf november 2000 bijstand. Het College van burgemeester en wethouders van Zoetermeer trok bij besluit van december 2006 de bijstand over bepaalde perioden in en herzag de langdurigheidstoeslag, met terugvordering van €6.782,24 wegens schending van de inlichtingenverplichting. Appellant had gedurende de geschilperioden voertuigen op zijn naam staan zonder administratie van aan- en verkoop.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep stelde de Raad vast dat appellante het hoger beroep niet tijdig had ingesteld en verklaarde dit niet-ontvankelijk. Voor appellant oordeelde de Raad dat het bezit en de transacties van auto's op zijn naam duiden op op geld waardeerbare activiteiten, waardoor hij de inlichtingenverplichting niet is nagekomen. Het College was bevoegd tot intrekking en terugvordering op grond van de WWB.
Appellant voerde aan dat het College onzorgvuldig had gehandeld door pas in 2006 te besluiten, maar de Raad oordeelde dat het tijdsverloop geen beletsel vormt voor uitoefening van bevoegdheden en dat de terugvordering niet onnodig is opgelopen. De Raad bevestigde de aangevallen uitspraak en wees proceskosten af.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en het hoger beroep van appellante niet-ontvankelijk; de intrekking en terugvordering worden bevestigd.