ECLI:NL:CRVB:2010:BM7006
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstandsuitkeringen aan vreemdelingen zonder rechtmatig verblijf
Verzoekers, meerderjarige vreemdelingen van Chinese nationaliteit, vroegen bijstand aan op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Hun aanvragen werden afgewezen omdat zij geen rechtmatig verblijf in Nederland hadden en niet met Nederlanders konden worden gelijkgesteld.
De voorzieningenrechter van de rechtbank verklaarde de beroepen van verzoekers ongegrond. Verzoekers stelden dat zij in een noodsituatie verkeerden en dat het onderscheid naar nationaliteit discriminerend was. Zij verwezen naar eerdere jurisprudentie die ruimte bood voor bijstand buiten het wettelijke kader.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het ontbreken van een verblijfsvergunning en het niet gelijkgesteld kunnen worden met Nederlanders op grond van de WWB het recht op bijstand uitsluit. Nader onderzoek kon niet bijdragen aan de beoordeling, en er was geen sprake van zeer dringende redenen of discriminatie. De Raad bevestigde de aangevallen uitspraken en wees de verzoeken om voorlopige voorziening af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van de bijstandsaanvragen en wijst de verzoeken om voorlopige voorziening af.