ECLI:NL:CRVB:2010:BM7464
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling intrekking WAO-uitkering en bijduiding functie zeilmaker
Betrokkene ontving een WAO-uitkering vanwege psychische, rug- en handklachten, die het UWV beëindigde per 25 juni 2007 op grond van geschiktheid voor gangbare arbeid met inachtneming van medische beperkingen vastgelegd in een Functionele Mogelijkheden Lijst (FML).
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond omdat het UWV een ontoereikende reductiefactor hanteerde en vernietigde het besluit. In hoger beroep vulde het UWV de motivering aan door de functie zeilmaker bij te duiden, die qua werkzaamheden voldoende verwant is aan de voorgehouden functies.
De Raad oordeelt dat het UWV dit bijduiden mocht toepassen zonder strijd met het rechtszekerheidsbeginsel of de procesorde, en dat de medische grondslag en arbeidskundige rapportages de geschiktheid van betrokkene voor de functies ondersteunen. De Raad bevestigt de vernietiging van het bestreden besluit en laat de rechtsgevolgen van het verbeterde besluit in stand, zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De rechtsgevolgen van het bestreden besluit tot intrekking van de WAO-uitkering blijven in stand met verbeterde motivering.