ECLI:NL:CRVB:2010:BM9718
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A. Beuker-Tilstra
- G.L.M.J. Stevens
- A.J. Schaap
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing militair invaliditeitspensioen na dienstongeval in 1984
Appellant, militair van 1966 tot 2003, verzocht om een militair invaliditeitspensioen en geneeskundige verzorging wegens een in 1984 tijdens de dienst opgelopen ongeval. De rechtbank wees dit verzoek af na onderzoek door een orthopedisch chirurg, die concludeerde dat de artrose in de nek pre-existent was en niet het gevolg van het ongeval.
De deskundige bestudeerde röntgenfoto’s uit 1984 en 1985 en concludeerde dat de slijtageverschijnselen zoals spondylofytvorming en foramenvernauwing al kort na het ongeval aanwezig waren, waardoor een causaal verband met het trauma werd uitgesloten. De Raad volgde de rechtbank in het toekennen van doorslaggevende waarde aan dit deskundigenrapport.
Appellant voerde aan dat een neuroloog geraadpleegd had moeten worden en dat een rapport van een neuropsycholoog meer gewicht verdiende, maar de Raad oordeelde dat een orthopedisch chirurg voldoende deskundig was voor de vraagstelling en dat het neuropsychologisch rapport de bevindingen van de orthopedisch chirurg niet weerlegde.
De Raad vond geen bijzondere omstandigheden om af te wijken van de hoofdregel dat het oordeel van een onafhankelijke deskundige gevolgd wordt en bevestigde daarom het vonnis van de rechtbank. Tevens werd geen vergoeding van proceskosten toegekend.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het militair invaliditeitspensioen wordt bevestigd.