ECLI:NL:CRVB:2010:BM9763
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep kort geding
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkverklaring bezwaar wegens ontbreken gronden bij intrekking bijstandsuitkering
Appellanten maakten bezwaar tegen het besluit van het College van burgemeester en wethouders om hun bijstand met ingang van 17 maart 2009 in te trekken en de kosten van bijstand terug te vorderen. Het College verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat appellanten niet binnen de hersteltermijn de gronden van het bezwaar hadden aangevuld.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze niet-ontvankelijkverklaring ongegrond. In hoger beroep voerden appellanten aan dat zij niet de gelegenheid hadden gekregen hun bezwaar mondeling toe te lichten en dat er sprake was van onredelijkheid in de toepassing van de niet-ontvankelijkverklaring.
De Raad oordeelde dat het bezwaarschrift geen gronden bevatte en dat het College bevoegd was het bezwaar niet-ontvankelijk te verklaren. Uitstelverzoeken werden afgewezen omdat geen concreet verzoek om uitstel was gedaan binnen de gestelde termijn. Het College kon ook afzien van een hoorzitting omdat het bezwaar kennelijk niet-ontvankelijk was. Het hoger beroep werd afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar bevestigd.