ECLI:NL:CRVB:2010:BM9844
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- O.L.H.W.I. Korte
- B.W.N. de Waard
- Rechtspraak.nl
Bevestiging buiten behandeling laten aanvraag bijstand wegens niet tijdig aanleveren gegevens
Appellante diende samen met een familielid een aanvraag in voor bijstand op grond van de Wet werk en bijstand. Het College verzocht herhaaldelijk om aanvullende stukken, waaronder bankafschriften en bewijsstukken van inkomen en vermogen, met telkens een strikte termijn voor aanlevering. Hoewel appellante telefonisch om uitstel vroeg, werd dit door het College geweigerd.
Het College stelde de aanvraag buiten behandeling omdat niet binnen de gestelde termijn alle gevraagde gegevens waren verstrekt. Appellante betoogde dat zij niet tijdig over de stukken kon beschikken, maar kon dit niet aannemelijk maken met ondersteunende verklaringen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde deze uitspraak in hoger beroep.
De Raad oordeelde dat het College het uitstelverzoek redelijkerwijs mocht weigeren gezien de reeds verstreken tijd en de aard van het verzoek. De Raad vond geen reden om te twijfelen aan de redelijkheid van het College om de aanvraag buiten behandeling te laten. Het hoger beroep werd daarom verworpen.
Uitkomst: De aanvraag om bijstand wordt buiten behandeling gelaten vanwege het niet tijdig aanleveren van gevraagde stukken; het hoger beroep wordt verworpen.