ECLI:NL:CRVB:2010:BN2324
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Beuker-Tilstra
- G.L.M.J. Stevens
- A.J. Schaap
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag erkenning als burger-oorlogsslachtoffer wegens onvoldoende blijvende invaliditeit
Appellant diende in september 2004 een aanvraag in om erkend te worden als burger-oorlogsslachtoffer op grond van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945 (Wubo). De aanvraag werd aanvankelijk afgewezen vanwege het ontbreken van de woonplaatsvereiste, waarna appellant geen beroep instelde. Na wijziging van de wet per 16 mei 2008, waarbij de woonplaatsvereiste verviel, werd de aanvraag herbeoordeeld en opnieuw afgewezen omdat de psychische klachten (PTSS) niet leidden tot blijvende invaliditeit en de lichamelijke klachten niet aan het oorlogsgeweld konden worden toegeschreven.
De Raad overwoog dat onder blijvende invaliditeit wordt verstaan beperkingen in minstens twee van de vier AMA-rubrieken. De medische adviezen, gebaseerd op psychiatrisch onderzoek en huisartsinformatie, toonden lichte beperkingen die niet voldeden aan deze criteria. Lichamelijke klachten werden toegeschreven aan andere oorzaken dan oorlogsgeweld, zoals een val in 1972 en leeftijdsgebonden aandoeningen. De Raad vond het bestreden besluit deugdelijk gemotiveerd en zag geen aanleiding tot vernietiging.
Daarnaast wees de Raad het verzoek om vergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn af, omdat geen beroep was ingesteld tegen het eerdere besluit en in de lopende procedure geen termijnoverschrijding was gebleken. Ook werden geen overige kosten toegekend. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de aanvraag tot erkenning als burger-oorlogsslachtoffer wordt afgewezen wegens onvoldoende blijvende invaliditeit.