ECLI:NL:CRVB:2010:BN2418
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering verhoging WIA-uitkering en vaststelling reïntegratievisie
Appellant ontvangt sinds 15 augustus 2006 een WIA-uitkering die laatstelijk is vastgesteld op 35-80%. Het UWV heeft bij besluiten in oktober 2007 geweigerd deze uitkering te verhogen en heeft tevens een reïntegratievisie vastgesteld. Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen deze besluiten, maar de rechtbank heeft deze beroepen ongegrond verklaard, stellende dat appellant duurzaam benutbare arbeidsprestaties kan verrichten en geen medische stukken zijn overgelegd die dit tegenspreken.
In hoger beroep voert appellant aan dat hij door gehoorverlies en slaapapneu niet kan werken en dat de geduide functies zijn belastbaarheid overschrijden. Tevens is hem inmiddels een IVA-uitkering toegekend. Het UWV betoogt dat de functies binnen de belastbaarheid vallen, onderbouwd met rapporten van arbeidsdeskundigen.
De Raad oordeelt dat de nieuwe argumenten van appellant geen aanleiding geven tot een ander oordeel dan de rechtbank. De medische informatie ontbreekt om het oordeel te wijzigen. De toekenning van de IVA-uitkering per 30 december 2008 is niet relevant voor de situatie op 16 juli 2007, de datum van belang in deze procedure. De toelichting van de arbeidsdeskundigen wordt als toereikend beschouwd. Het hoger beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraken worden bevestigd.