ECLI:NL:CRVB:2010:BN2583
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing bijzondere bijstand voor extra verwarmings- en kledingkosten
Appellante vroeg bijzondere bijstand aan voor extra verwarmingskosten in haar woning, extra was- en slijtagekosten van kleding en beddengoed vanwege het gebruik van crèmes en zalven, en vervanging van kleding door gewichtsschommelingen. Het College van B&W wees deze aanvragen af, waarbij de GGD-adviezen als basis dienden.
De rechtbank Rotterdam vernietigde een eerder besluit vanwege onzorgvuldigheid in het GGD-advies, waarna het College een nieuw besluit nam met een beperkte toekenning voor extra verwarming in de woonkamer. Latere aanvragen werden opnieuw afgewezen en het bezwaar deels ongegrond verklaard. De rechtbank oordeelde dat alleen de kosten voor extra schoenen deels toewijsbaar waren.
In hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep heeft appellante zich gericht op de afwijzing van de warmtetoeslag voor slaapkamer en badkamer, de extra was- en slijtagekosten en vervanging van kleding. De Raad concludeerde dat de GGD-adviezen zorgvuldig en inhoudelijk deugdelijk waren en dat appellante onvoldoende concrete medische gegevens had overgelegd om de noodzaak van de kosten aan te tonen.
De Raad stelde vast dat de kosten niet als noodzakelijke kosten van het bestaan in de zin van artikel 35, eerste lid, WWB konden worden aangemerkt. De aangevallen uitspraak werd bevestigd en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van bijzondere bijstand voor extra verwarmingskosten, was- en slijtagekosten en kledingvervanging wegens onvoldoende medische onderbouwing.