ECLI:NL:CRVB:2010:BN3294
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- O.L.H.W.I. Korte
- H.D. Stout
- Rechtspraak.nl
Bevestiging buiten behandelingstelling bijstandsaanvraag wegens niet tijdig aanleveren gegevens
Appellant diende op 29 januari 2007 een aanvraag in voor bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Het College stelde de aanvraag op 8 maart 2007 buiten behandeling wegens het niet tijdig overleggen van gevraagde bankafschriften en andere financiële gegevens. Appellant had meerdere malen verzocht om deze gegevens aan te leveren, maar deed dit pas na het primaire besluit.
De voorzieningenrechter verklaarde het bezwaar tegen dit besluit ongegrond, waarna appellant in hoger beroep ging. Hij voerde aan dat hij alle gevraagde gegevens had verstrekt en dat het College onvoldoende hulpvaardig was geweest, mede vanwege zijn beperkte lees- en schrijfvaardigheid. Tevens deed appellant een beroep op artikel 13 van Pro het Europees Sociaal Handvest.
De Raad oordeelde dat de gevraagde bankafschriften voor appellant toegankelijk en raadpleegbaar waren en dat het op zijn weg had gelegen om tijdig om verlenging te verzoeken indien hij niet kon voldoen aan de termijn. Het beroep op het Europees Sociaal Handvest werd verworpen omdat deze bepaling geen direct afdwingbaar recht op bijstand inhoudt. De Raad bevestigde het oordeel van de rechtbank dat het College terecht de aanvraag buiten behandeling stelde en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de aanvraag om bijstand terecht buiten behandeling is gesteld wegens niet tijdig aanleveren van gegevens.