ECLI:NL:CRVB:2010:BN7344
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.A.J. van den Hurk
- T. Hoogenboom
- B.M. van Dun
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WW-uitkering wegens niet beschikbaar stellen voor arbeidsmarkt
Appellante had een WW-uitkering aangevraagd na herstelverklaring in het kader van de Ziektewet, maar het UWV weigerde deze omdat zij niet beschikbaar was voor de arbeidsmarkt. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat appellante door haar houding en ingevulde aanvraag duidelijk maakte niet beschikbaar te zijn vanwege ziekte.
In hoger beroep herhaalde appellante dat zij wel beschikbaar was en dat het UWV ten onrechte de bewijslast bij haar legde. De Centrale Raad van Beroep oordeelde echter dat het UWV in beginsel mag afgaan op de door appellante verstrekte gegevens op het aanvraagformulier. Appellante slaagde er niet in aannemelijk te maken dat zij ondanks haar verklaringen beschikbaar was.
De Raad bevestigde daarom het besluit van het UWV en de uitspraak van de rechtbank, en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de weigering van de WW-uitkering wordt bevestigd.