ECLI:NL:CRVB:2010:BN7795
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering ondanks betwisting duurzaam benutbare mogelijkheden
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen de herziening van zijn WAO-uitkering waarbij zijn arbeidsongeschiktheidspercentage werd verlaagd van 80-100% naar 25-35%. Hij stelde dat het medisch onderzoek onzorgvuldig was, dat er geen onderzoek was gedaan naar de duurzaamheid van zijn benutbare mogelijkheden en dat het UWV onterecht geen aanvullende informatie had opgevraagd bij zijn sociaal psychiatrisch verpleegkundige.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat er geen aanwijzingen waren voor een onzorgvuldig onderzoek. De medische rapportages toonden aan dat appellant duurzaam benutbare mogelijkheden heeft. Het UWV had in de primaire fase informatie opgevraagd bij de verpleegkundige en er was geen noodzaak voor aanvullend contact. Appellant had onvoldoende aannemelijk gemaakt dat hij geen duurzaam benutbare mogelijkheden had.
Verder waren er beperkingen vastgesteld in het persoonlijk en sociaal functioneren, maar deze waren niet zodanig dat de mogelijkheden van appellant werden overschat. De Raad onderschreef de Functionele Mogelijkheden Lijst van april 2008 en achtte appellant geschikt voor diverse functies.
Ten slotte werd bevestigd dat de maatmaninkomenbepaling op juiste gronden was gebaseerd op de functie van eerste verkoper, de laatstelijk door appellant uitgeoefende functie voor zijn arbeidsongeschiktheid. Er waren geen omstandigheden die een afwijking van deze hoofdregel rechtvaardigden.
De Centrale Raad bevestigde daarmee de eerdere uitspraak van de rechtbank Breda en handhaafde het besluit van het UWV.
Uitkomst: De herziening van de WAO-uitkering wordt bevestigd en appellant wordt geacht duurzaam benutbare mogelijkheden te hebben.