ECLI:NL:CRVB:2010:BO2457
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvullende beurs zonder rekening te houden met inkomen vader ondanks verstoorde relatie
Appellante verzocht om een aanvullende beurs zonder rekening te houden met het inkomen van haar vader vanwege een langdurig ernstig verstoorde relatie. De Minister wees dit verzoek af omdat appellante geen alimentatievonnis had overgelegd en niet had aangetoond dat zij stappen had ondernomen om een alimentatievonnis te verkrijgen.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond. In hoger beroep voerde appellante aan dat de hardheidsclausule toegepast had moeten worden en dat het gelijkheidsbeginsel werd geschonden omdat haar broer wel een aanvullende beurs kreeg zonder rekening te houden met het vadersinkomen.
De Raad overwoog dat het op de studerende zelf ligt om de onderhoudsverplichting via de burgerlijke rechter te laten vaststellen. De enkele omstandigheid van een verstoorde relatie doet hier niet aan af. De Minister had bij de broer een fout gemaakt, maar het gelijkheidsbeginsel verplicht niet om deze fout bij appellante te herhalen. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de afwijzing van de aanvullende beurs zonder rekening te houden met het vadersinkomen wordt bevestigd.