ECLI:NL:CRVB:2010:BO3758
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Beuker-Tilstra
- A.J. Schaap
- G.L.M.J. Stevens
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag pensioen wegens ontbreken ernstige verstoring levensomstandigheden door verzetsactiviteiten vader
Appellant, geboren in 1943, verzocht in 2005 om een pensioen op grond van de Wet buitengewoon pensioen 1940-1945 vanwege het verzet van zijn vader. De aanvraag werd afgewezen omdat niet aannemelijk was dat appellant ernstige psychische schade had geleden door het verzet van zijn ouders.
De Raad onderzocht of er sprake was van ernstige verstoring van de levensomstandigheden tijdens de oorlogsjaren door het verzet van derden, zoals vereist in artikel 3 van Pro het Koninklijk besluit van 8 juli 1978. Uit het dossier bleek dat de vader van appellant deelnam aan het verzet en omkwam bij een schietpartij in 1945, maar dat de moeder niet als verzetsdeelnemer kon worden erkend.
De Raad oordeelde dat de verzetsactiviteiten van de vader zich grotendeels buitenshuis afspeelden en dat er onvoldoende bewijs was dat deze activiteiten de oorzaak waren van de psychische problematiek van appellant. De naoorlogse opvoedingssituatie, gekenmerkt door gebrek aan affectie, werd als bepalende factor aangewezen. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft in stand.