ECLI:NL:CRVB:2010:BO4811
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- W.F. Claessens
- J.L.P.G. van Thiel
- Rechtspraak.nl
Intrekking bijstandsuitkering wegens schending inlichtingenplicht bij hennepkwekerij
Appellant ontving sinds 2001 bijstand op grond van de WWB. In februari 2006 werd in zijn woning een hennepkwekerij met 42 planten aangetroffen. Het College startte een onderzoek en besloot de bijstand over de periode november 2005 tot februari 2006 in te trekken vanwege schending van de inlichtingenverplichting.
De rechtbank verklaarde het bezwaar van appellant tegen dit besluit gegrond wegens onvoldoende motivering, maar liet de rechtsgevolgen van het besluit in stand. Appellant stelde dat het niet melden van de hennepkwekerij niet verplicht was omdat het een strafbaar feit betrof.
De Raad oordeelde dat het niet melden van de hennepkwekerij een schending van de inlichtingenplicht is, ongeacht of inkomsten werden verkregen. Hierdoor kon niet worden vastgesteld of appellant recht had op bijstand. De Raad bevestigde dat het College bevoegd was de bijstand in te trekken en de kosten terug te vorderen. De aangevallen uitspraak werd bevestigd.
Uitkomst: De intrekking van de bijstandsuitkering wegens schending van de inlichtingenplicht wordt bevestigd.