ECLI:NL:CRVB:2010:BO5977
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- J.F. Bandringa
- C.G. Kasdorp
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit intrekking Ioaw-uitkering wegens onvoldoende taalbegrip en motivering
Appellante ontving vanaf maart 2004 een Ioaw-uitkering. Naar aanleiding van een anonieme tip werd een onderzoek ingesteld dat leidde tot het besluit van het College om de uitkering met ingang van november 2006 en terugwerkend tot maart 2004 in te trekken wegens vermeende werkzaamheden in de prostitutie.
Appellante voerde aan dat zij de Nederlandse taal onvoldoende beheerst en dat haar verklaring zonder tolk is opgenomen, waardoor de bewijskracht van deze verklaring niet toereikend is. De Raad stelde vast dat appellante onvoldoende Nederlands sprak en dat het College had moeten voorzien in tolkondersteuning tijdens het gesprek.
De Raad oordeelde dat het besluit niet zorgvuldig was voorbereid en onvoldoende gemotiveerd, omdat het uitsluitend steunde op een verklaring die niet betrouwbaar was vanwege taalbarrières. Verder ontbrak ander bewijs voor de gehele periode van intrekking. Daarom vernietigde de Raad het besluit en beval het College een nieuw besluit te nemen, met inachtneming van deze uitspraak en vergoeding van proceskosten aan appellante.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking en terugvordering van de Ioaw-uitkering wordt vernietigd wegens onvoldoende taalbegrip en motivering; het College dient een nieuw besluit te nemen.