ECLI:NL:CRVB:2010:BO6145
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- C.P.J. Goorden
- J.J.T. van den Corput
- Rechtspraak.nl
Geen schadevergoeding voor korting WW-uitkering en vertraagde ZW-uitkering
Appellant kreeg een korting van 20% op zijn WW-uitkering voor 16 weken en later een ZW-uitkering die tijdelijk werd geschorst vanwege verblijf in het buitenland. Het UWV betaalde de ZW-uitkering met terugwerkende kracht uit en vergoedde wettelijke rente.
Appellant vorderde schadevergoeding voor onder meer huurachterstanden, woningontruiming en boetes, maar de rechtbank en Raad oordeelden dat er geen causaal verband was tussen deze schade en het besluit van het UWV. De korting op de WW-uitkering was rechtsgeldig en de vertraging in de ZW-uitkering leidde slechts tot vergoeding van wettelijke rente.
De Raad bevestigde dat het UWV de beslistermijn op bezwaar had overschreden, maar dat appellant hierdoor geen schade had geleden. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Hoger beroep wordt ongegrond verklaard; geen schadevergoeding behalve wettelijke rente.