ECLI:NL:CRVB:2010:BO7178
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.J. Simon
- J.P.M. Zeijen
- E.E.V. Lenos
- Rechtspraak.nl
Intrekking arbeidsongeschiktheidsuitkering wegens onvoldoende medische beperkingen
Appellante, langdurig arbeidsongeschikt wegens rugklachten, kreeg haar WAO-uitkering ingetrokken per 27 maart 2006 nadat een verzekeringsarts een Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) had opgesteld zonder urenbeperking. Appellante maakte bezwaar en voerde aan dat haar beperkingen, waaronder rugklachten en vermoeidheid, niet juist waren meegenomen en dat de geselecteerde functies niet passend waren.
De bezwaarverzekeringsarts en arbeidsdeskundige van het UWV bevestigden dat de FML correct was vastgesteld en dat de geselecteerde functies binnen de belastbaarheid van appellante vielen. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit, maar handhaafde de rechtsgevolgen ervan. In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad dat appellante niet voldeed aan de criteria voor urenbeperking en dat de FML gedegen en goed gemotiveerd was.
Daarnaast werd vastgesteld dat de redelijke termijn voor de procedure was overschreden, waardoor het onderzoek wordt heropend voor een mogelijke schadevergoeding. De Raad wees de medische informatie van de chiropractor af wegens gebrek aan wetenschappelijke onderbouwing en oordeelde dat de bezwaren tegen de transparantie en toetsbaarheid van de schatting ongegrond waren.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd; het onderzoek wordt heropend voor mogelijke schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn.