ECLI:NL:CRVB:2010:BO7183
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAO-uitkering wegens geschiktheid eigen werk
Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van het UWV om hem per 7 januari 2004 geen WAO-uitkering toe te kennen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de appellant stelde hoger beroep in bij de Centrale Raad van Beroep.
In hoger beroep heeft appellant geen nieuwe relevante gronden aangevoerd, maar slechts eerdere argumenten herhaald. De Raad onderschrijft de uitgebreide en deugdelijke motivering van de rechtbank dat appellant, gelet op de beperkingen, geschikt is zijn eigen werk te verrichten.
De beslissing is mede gebaseerd op de rapportage van de bezwaararbeidsdeskundige D.L.A. Politon van 19 december 2008, waarin duidelijk is vastgesteld dat appellant geschikt is voor zijn eigen werk. Het UWV mocht het besluit baseren op deze rapportage zonder aanvullende medische beoordeling.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt daarom de uitspraak van de rechtbank en wijst het hoger beroep af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WAO-uitkering omdat appellant geschikt is zijn eigen werk te verrichten.