ECLI:NL:CRVB:2011:BP2350
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- R.H.M. Roelofs
- O.L.H.W.I. Korte
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstandsuitkering wegens schending inlichtingenverplichting
Appellante ontving sinds 2000 bijstand en kreeg een voorbereidingsperiode voor zelfstandig ondernemerschap toegekend. Het College van burgemeester en wethouders van Lelystad heeft de bijstand ingetrokken en teruggevorderd over de periode 2000-2006, omdat appellante inkomsten had die niet waren gemeld.
De sociale recherche stelde vast dat appellante meerdere niet-gemelde bankrekeningen had met aanzienlijke contante transacties en dat zij zich meerdere keren als zelfstandige had ingeschreven bij de Kamer van Koophandel, ondanks een verbod. Appellante maakte geen melding van deze feiten, wat een schending van de inlichtingenverplichting opleverde.
De rechtbank verklaarde het bezwaar ongegrond en de Raad bevestigt dit oordeel. Appellante kon niet aannemelijk maken dat de contante stortingen leningen waren die haar recht op bijstand zouden rechtvaardigen. De Raad oordeelt dat het College terecht de bijstand heeft ingetrokken en de kosten heeft teruggevorderd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking en terugvordering van de bijstandsuitkering wegens schending van de inlichtingenverplichting.