ECLI:NL:CRVB:2011:BP4319
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.F. Bandringa
- O.L.H.W.I. Korte
- E.J.M. Heijs
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstandsuitkering wegens gezamenlijke huishouding
Appellante ontving bijstand als alleenstaande ouder, maar het College van burgemeester en wethouders van Hengelo trok deze bijstand in en vorderde terug vanwege het voeren van een gezamenlijke huishouding met haar partner in de periode van 3 februari 2006 tot en met 12 april 2007.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond en bevestigde dat zij en haar partner hun hoofdverblijf in dezelfde woning hadden. Appellante voerde in hoger beroep aan dat haar verklaring onder druk was afgelegd en dat de rechtbank onvoldoende rekening had gehouden met ontlastend bewijs, zoals een verklaring van een bekende en het relatief hoge water- en elektriciteitsverbruik in de woning van haar partner.
De Raad verwierp deze bezwaren, oordeelde dat de verklaring van appellante rechtsgeldig was afgelegd en dat de observaties van de Sociale Recherche Twente en verklaringen van derden het gezamenlijk hoofdverblijf bevestigden. Het verzoek om vergoeding van wettelijke rente werd afgewezen en de uitspraak van de rechtbank werd bevestigd.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van de bijstandsuitkering wegens gezamenlijke huishouding wordt bevestigd.