ECLI:NL:CRVB:2011:BP5641
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.P.J. Goorden
- A.A.H. Schifferstein
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering na zorgvuldige medische en arbeidskundige beoordeling
Appellant, voormalig medewerker tuinbouw, ontving sinds 16 december 2002 een WAO-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid van 80-100%. Na een herbeoordeling in 2007 concludeerden medisch en arbeidskundig onderzoek dat appellant niet arbeidsongeschikt was voor de geduide functies, waarna het UWV de uitkering introk.
Appellant maakte bezwaar en voerde aan dat zijn belastbaarheid werd overschat, onderbouwd met medische rapporten van verschillende psychiaters en een fysiotherapeut. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en de belastbaarheid juist was vastgesteld.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn standpunt, maar de Centrale Raad van Beroep vond geen aanleiding het oordeel van de rechtbank te wijzigen. De Raad achtte de medische grondslag en de beoordeling van de belastbaarheid zorgvuldig en voldoende gemotiveerd. Ook de door appellant overgelegde aanvullende medische stukken boden geen objectieve onderbouwing om het oordeel te herzien.
De Raad bevestigde daarom de intrekking van de WAO-uitkering en zag geen reden voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd wegens voldoende medische en arbeidskundige grondslag.