ECLI:NL:CRVB:2011:BP6515
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens minder dan 15% arbeidsongeschiktheid
Appellant is sinds 1996 WAO-gerechtigd vanwege lichamelijke en psychische klachten na een aanrijding in 1995. In 2005 is zijn arbeidsongeschiktheid herbeoordeeld en vastgesteld dat hij minder dan 15% arbeidsongeschikt is, waarna zijn uitkering is ingetrokken. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en bevestigde de medische en arbeidskundige grondslag van het besluit.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn standpunt dat hij door pijnklachten niet kan werken. De Raad benoemde deskundigen, waaronder een psychiater die zich kon verenigen met de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) en een neuroloog die appellant wilde onderzoeken, maar waar appellant niet op verscheen. De Raad concludeerde dat appellant medewerking aan onderzoek had moeten verlenen en dat de ziekte van Lyme geen extra beperkingen gaf op de datum van intrekking.
De Raad onderschreef het oordeel dat appellant geschikt is voor andere functies dan zijn vroegere werk. De aangevallen uitspraak werd bevestigd. Appellant vroeg ook om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn. De Raad constateerde dat de totale procedure meer dan vijf jaar duurde, waarbij de bestuursrechtelijke en rechterlijke fases samen langer dan de redelijke termijn van vier jaar in beslag namen. Daarom werd het onderzoek heropend om nader te beslissen over de schadevergoeding, waarbij ook de Staat der Nederlanden als partij werd betrokken.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd en het onderzoek naar schadevergoeding wegens termijnoverschrijding wordt heropend.