ECLI:NL:CRVB:2011:BP7446
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing tegemoetkoming pensioenverevening wegens huwelijk langer dan 18 jaar
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Breda die haar aanvraag voor een eenmalige tegemoetkoming op grond van de Tijdelijke Regeling eenmalige tegemoetkoming pensioenverevening (TRP) ongegrond verklaarde. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) had de aanvraag afgewezen omdat appellante langer dan 18 jaar gehuwd was geweest en tijdens het huwelijk een minderjarig kind had, waardoor zij aanspraak had kunnen maken op pensioenverevening volgens de Wet VPS.
Appellante voerde aan dat de echtscheiding op 16 oktober 1979 was uitgesproken en niet op 14 mei 1980, de datum van inschrijving in de registers van de burgerlijke stand, en dat dit verschil van belang was voor de duur van het huwelijk. De Raad oordeelde echter dat volgens de Wet VPS en de TRP de datum van inschrijving bepalend is, waardoor het huwelijk meer dan 18 jaar duurde.
De Raad stelde tevens vast dat de TRP niet expliciet in de Beroepswet is opgenomen, maar dat de regeling voldoende verwant is aan sociale zekerheidswetten om bevoegdheid te rechtvaardigen. De Raad concludeerde dat appellante terecht was uitgesloten van de tegemoetkoming omdat zij onder de overgangsregeling van de Wet VPS viel. Het hoger beroep werd verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 11 maart 2011.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de tegemoetkoming bevestigd.