ECLI:NL:CRVB:2011:BP8475
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing Wajong-uitkering wegens geen bijzonder geval bij late aanvraag
Appellant verzocht om een Wajong-uitkering met ingang van 13 mei 2007, maar diende de aanvraag pas in op 13 mei 2008. Het UWV besloot op 12 november 2008 dat geen sprake was van een bijzonder geval zoals bedoeld in artikel 29, tweede lid, van de Wajong, waardoor de uitkering niet eerder kan ingaan dan de datum van de aanvraag minus één jaar.
Appellant stelde dat hij door een psychische aandoening ernstig had gedisfunctioneerd en daardoor niet tijdig een aanvraag kon indienen. Hij bracht medische stukken in, waaronder rapportages van een psychiater en GGZ, maar deze toonden geen psychotische of schizofrene stoornis aan, slechts een depressieve stoornis.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat het antwoord op de vraag of de eerste arbeidsongeschiktheidsdag eerder lag dan aangenomen niet relevant was. De Centrale Raad van Beroep bevestigt deze uitspraak, overwegende dat appellant niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij redelijkerwijs niet in verzuim was met het indienen van de aanvraag en dat het UWV terecht geen bijzonder geval heeft aangenomen.
Uitkomst: Het beroep van appellant tegen het besluit van het UWV wordt ongegrond verklaard en de eerdere uitkeringsdatum wordt niet toegekend.