ECLI:NL:CRVB:2001:AD7077
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. van Leeuwen
- W.D.M. van Diepenbeek
- M.S.E. Wulffraat-Van Dijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging besluit terugwerkende kracht WAJONG-uitkering wegens onvoldoende onderzoek bijzondere omstandigheden
Gedaagde diende op 6 augustus 1998 een aanvraag in voor een WAJONG-uitkering met terugwerkende kracht vanaf 6 augustus 1997. Het UWV kende de uitkering toe met een terugwerkende kracht van maximaal één jaar, omdat geen bijzondere omstandigheden waren vastgesteld die een langere terugwerkende kracht rechtvaardigen.
De rechtbank vernietigde dit besluit wegens onvoldoende onderzoek naar bijzondere omstandigheden, met name of gedaagde door zijn psychische aandoening niet tijdig zelf een aanvraag kon indienen en of zijn moeder als gemachtigde optrad. Het UWV ging in hoger beroep tegen deze uitspraak.
De Raad oordeelt dat het UWV terecht onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar de medische situatie die het niet tijdig aanvragen kan verklaren, en dat de moeder van gedaagde geen bevoegde belangenbehartiger was. De Raad bevestigt daarom het vernietigde besluit en wijst het hoger beroep af.
Daarnaast wijst de Raad het verzoek tot vergoeding van renteschade af omdat nog geen definitief besluit is genomen. Het UWV wordt veroordeeld in de proceskosten van gedaagde en moet een nieuw besluit nemen met inachtneming van deze uitspraak.
Uitkomst: Hoger beroep van appellant wordt afgewezen en vernietiging van het besluit bevestigd.