ECLI:NL:CRVB:2011:BQ4841
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging berekening dagloon Ziektewet en WAO-uitkering bij oproepovereenkomst
Appellante was werkzaam als groepsleidster op basis van een oproepovereenkomst en meldde zich ziek op 18 december 2006. Het UWV stelde het dagloon voor de Ziektewet vast op basis van het loon in november 2006, gedeeld door 21,75, en wijzigde dit later licht. Voor de WAO-uitkering werd het dagloon vastgesteld op basis van het refertejaar voorafgaand aan de arbeidsongeschiktheid.
De rechtbank oordeelde dat het UWV terecht het loon van de in december 2006 gewerkte uren niet heeft betrokken bij de dagloonberekening. Appellante voerde in hoger beroep aan dat elke oproep een aparte arbeidsovereenkomst vormde, waardoor het loon van de laatste oproep bepalend zou moeten zijn, wat zou leiden tot een hoger dagloon.
De Raad overwoog dat artikel 11 van Pro het Besluit dagloonregels werknemersverzekeringen dit niet ondersteunt, vooral omdat appellante niet in de situatie van een starter of herintreder verkeerde en er geen sprake was van een andere werkgever in het aangiftetijdvak. De Raad onderschreef het standpunt van de rechtbank en bevestigde de berekening van het dagloon op basis van november 2006. Het beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat het dagloon wordt berekend op basis van het loon in november 2006 gedeeld door 21,75, zonder het loon van december 2006 te betrekken.