ECLI:NL:CRVB:2011:BQ7231
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- J.J.A. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Herziening indicatie huishoudelijke verzorging wegens psychische overbelasting zoon
Appellante, met mobiliteitsproblemen en slecht zicht, vroeg om een indicatie voor huishoudelijke verzorging. Het CIZ wees haar een indicatie toe van 2-3,9 uur per week voor de periode 1 augustus 2006 tot 30 januari 2007, welke zij betwistte. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep stelde appellante dat haar zoon, die fulltime timmerman is en bij haar woont, geen zorg verleent.
De Raad liet een nader medisch onderzoek uitvoeren waaruit bleek dat de zoon psychisch overbelast was en daarom niet in staat was huishoudelijke taken te verrichten. De Raad stelde vast dat de indicatie op grond van de AWBZ geldig was tot 31 januari 2007 en dat de verlenging tot 28 juli 2007 niet rechtsgeldig was vanwege de overgang naar de Wmo.
De Raad vernietigde het besluit van 11 mei 2007 en herroept het besluit van 1 augustus 2006. Appellante wordt geïndiceerd voor 7 uur en 25 minuten huishoudelijke verzorging per week over de periode 1 augustus 2006 tot 31 januari 2007. Tevens werd CIZ veroordeeld in de kosten van appellante.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en appellante wordt geïndiceerd voor 7 uur en 25 minuten huishoudelijke verzorging per week tot 31 januari 2007.