ECLI:NL:CRVB:2011:BQ8199
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- J.P.M. Zeijen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ongewijzigde WAZ-uitkering ondanks psychische beperkingen appellant
Appellant, voormalig directeur/aandeelhouder, ontvangt sinds 2003 een WAZ-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid van 55 tot 65%. Na diverse herbeoordelingen en bezwaarprocedures is deze mate van arbeidsongeschiktheid ongewijzigd vastgesteld.
In hoger beroep betoogt appellant dat zijn psychische beperkingen, waaronder mogelijk het syndroom van Asperger, onderschat zijn. Een rapport van psychiater Koerselman bevestigt beperkingen in sociaal functioneren en conflicthantering, vooral in persoonlijk contact en leidinggeven. De bezwaarverzekeringsarts Hovy erkent deze beperkingen en past de functionele mogelijkhedenlijst (FML) daarop aan.
De Raad concludeert echter dat de aangescherpte FML de beperkingen van appellant adequaat weerspiegelt. Verdere door appellant voorgestelde beperkingen missen objectieve medische onderbouwing. De resterende passende arbeidsmogelijkheden zijn terecht vastgesteld. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de ongewijzigde WAZ-uitkering met een arbeidsongeschiktheid van 55 tot 65%.