ECLI:NL:CRVB:2011:BQ9581
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- E.J.M. Heijs
- W.F. Claessens
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bijzondere bijstand voor baby-uitzet en toepassing richtprijs gemeente Amsterdam
Appellanten vroegen bijzondere bijstand aan voor de aanschaf van een baby-uitzet, nadat zij reeds een Knipkaart tegoed van €486 hadden ontvangen voor duurzame gebruiksgoederen. Het College van burgemeester en wethouders van Amsterdam kende uiteindelijk een bedrag van €533 toe, rekening houdend met de richtprijs van €1.019 voor een baby-uitzet.
Appellanten maakten bezwaar tegen de hoogte van de toegekende bijzondere bijstand en stelden dat zij vanwege een 100% verlaging van de bijstand in februari 2008 niet hadden kunnen reserveren en dat het Knipkaarttegoed was gebruikt voor vaste lasten. Zij vorderden een hoger bedrag op grond van artikel 16 van Pro de WWB.
De Raad oordeelde dat het College bevoegd is richtprijzen te hanteren en dat de gehanteerde richtprijs niet onredelijk is. Appellanten maakten geen aannemelijk dat hun situatie zodanig afwijkt dat een hoger bedrag gerechtvaardigd is. Ook de verlaging van de bijstand gaf geen grond voor een hogere bijzondere bijstand. Artikel 16 WWB Pro was niet van toepassing omdat appellanten recht op bijstand hadden volgens de artikelen 13-15 WWB.
Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.