ECLI:NL:CRVB:2011:BR1098
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- J. Brand
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering onder toepassing beleidsregels, niet art. 40 WAO
Appellante was werkzaam als cafetariamedewerkster en ontving vanaf september 2001 een WAO-uitkering die in juni 2006 werd ingetrokken wegens onvoldoende vaststelling van het recht op uitkering. Het UWV hervatte de uitkering in augustus 2008, waarbij het oorspronkelijke dagloon, geïndexeerd, als grondslag werd genomen.
Appellante stelde in hoger beroep dat haar arbeidsongeschiktheid was toegenomen en dat artikel 40 van Pro de WAO van toepassing zou zijn, waardoor het dagloon gebaseerd moest worden op een latere functie als medewerker post. De rechtbank had dit beroep ongegrond verklaard omdat niet was voldaan aan de voorwaarden van artikel 40 WAO Pro.
De Centrale Raad van Beroep overweegt dat de aangevoerde nieuwe stellingen geen nieuwe gezichtspunten bevatten en bevestigt het oordeel van de rechtbank. De hervatting van de uitkering is correct volgens de Beleidsregels schorsing, opschorting, intrekking en herziening uitkeringen 2006 uitgevoerd, waarbij het oorspronkelijke dagloon is gehanteerd.
De Raad wijst erop dat verschillen in beoordeling tussen de gemeente en het UWV niet leiden tot een andere conclusie. Het hoger beroep wordt verworpen en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de hervatting van de WAO-uitkering correct is uitgevoerd volgens de Beleidsregels 2006 en wijst het hoger beroep af.