ECLI:NL:CRVB:2011:BR4107
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit UWV wegens onzorgvuldig medisch onderzoek bij WIA-uitkering
Appellant, voormalig kelner, vroeg een WIA-uitkering aan na ziekmelding met diverse klachten, waaronder moeheid en slaapproblemen. Het UWV liet appellant onderzoeken door verzekeringsarts Brock, die beperkingen vastlegde in een Functionele Mogelijkheden Lijst (FML). Later stelde bezwaarverzekeringsarts Hulst de beperkingen bij vanwege onjuiste medische uitgangspunten. Appellant voerde aan dat zijn slaapapneusyndroom onvoldoende was meegewogen.
De rechtbank wees het beroep van appellant af, stellende dat de medische beoordeling toereikend was en dat de beperkingen passend waren. In hoger beroep stelde appellant dat het slaapapneusyndroom onvoldoende was betrokken bij de beoordeling van zijn belastbaarheid.
De Raad constateerde dat Hulst geen overleg had gevoerd met de neuroloog Hamburger over de impact van het slaapapneusyndroom en dat het medisch onderzoek onzorgvuldig was. Hierdoor was onvoldoende gemotiveerd of meer beperkingen in de FML hadden moeten worden opgenomen. De Raad vernietigde het besluit en de uitspraak van de rechtbank en beval het UWV een nieuw besluit op bezwaar te nemen, met vergoeding van proceskosten aan appellant.
Uitkomst: Het besluit van het UWV wordt vernietigd wegens onzorgvuldig medisch onderzoek en onvoldoende motivering, met opdracht tot een nieuw besluit op bezwaar.