ECLI:NL:CRVB:2011:BR5404
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering kinderbijslag en toewijzing proceskosten
Appellant, die in het verleden in Nederland heeft gewerkt en in 1994 naar Marokko is teruggekeerd, vroeg kinderbijslag aan bij de Sociale verzekeringsbank (Svb). De Svb weigerde dit vanaf het derde kwartaal van 2004 op grond van het niet verzekerd zijn volgens de Algemene Kinderbijslagwet (AKW). De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond.
Na een arrest van de Hoge Raad in april 2011 wijzigde de Svb haar standpunt en erkende dat appellant vanaf het eerste kwartaal van 2000 verzekerd was onder de AKW. De Svb gaf aan kinderbijslag toe te kennen vanaf het derde kwartaal van 2004, mits aan overige voorwaarden werd voldaan.
De Raad oordeelde dat het eerdere besluit en de aangevallen uitspraak niet in stand kunnen blijven en dat de Svb een nieuwe beslissing op bezwaar moet nemen. Tevens veroordeelde de Raad de Svb tot betaling van proceskosten van €805 aan appellant en tot vergoeding van het betaalde griffierecht.
Uitkomst: Het besluit van de Sociale verzekeringsbank om kinderbijslag te weigeren wordt vernietigd en de Svb wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten.