ECLI:NL:CRVB:2011:BR6617
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Beuker-Tilstra
- A.J. Schaap
- B.W.N. de Waard
- Rechtspraak.nl
Afwijzing erkenning als burger-oorlogsslachtoffer wegens onvoldoende bewijs oorlogsgeweld
Appellante, geboren in 1949 in voormalig Nederlands-Indië, verzocht om erkenning als burger-oorlogsslachtoffer op grond van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945 (Wubo). De Pensioen- en Uitkeringsraad wees dit verzoek af omdat niet was aangetoond dat appellante direct betrokken was bij oorlogsgeweld zoals vereist door de Wubo.
De Raad overwoog dat de Wubo alleen gebeurtenissen tot 27 december 1949 bestrijkt, en dat de verklaringen onvoldoende duidelijkheid boden over het tijdstip en de omstandigheden van de vermeende huiszoeking en het bekogeld worden met stenen. Ook was niet vastgesteld dat de vlucht naar Jakarta onder levensbedreigende omstandigheden plaatsvond. De medische operaties in de jaren ’50 vielen buiten de Wubo-periode.
Hoewel appellante ingrijpende gebeurtenissen heeft meegemaakt, voldeed haar situatie niet aan de strikte criteria van de Wubo. Daarom verklaarde de Centrale Raad van Beroep het beroep ongegrond en wees zij een vergoeding van proceskosten af.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard wegens onvoldoende bewijs van directe betrokkenheid bij oorlogsgeweld binnen de Wubo-periode.