ECLI:NL:CRVB:2011:BT7161
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R. Kooper
- M.C. Bruning
- A.J. Schaap
- Rechtspraak.nl
Vernietiging voorwaardelijk strafontslag wegens onterecht plichtsverzuim ambtenaar
Appellant, werkzaam als senior rechercheur bij de politieregio Haaglanden, kreeg in 2008 een voorwaardelijk strafontslag opgelegd wegens het niet volledig schriftelijk melden van nevenwerkzaamheden in een strandpaviljoen. De Raad oordeelt dat appellant in 2005 uitgebreid heeft toegelicht wat zijn werkzaamheden inhielden en dat het op de weg van de korpsbeheerder had gelegen om hierop te reageren of appellant te verzoeken alsnog schriftelijk toestemming te vragen.
De Raad stelt vast dat er geen schriftelijke stukken zijn over toestemming in 1992 en dat verklaringen onvoldoende duidelijkheid geven over de omvang van de werkzaamheden destijds. De korpsbeheerder kon appellant niet drie jaar later verwijten dat hij plichtsverzuim pleegde. Daarom wordt het voorwaardelijk strafontslag vernietigd en het primaire besluit herroepen.
Ten aanzien van de overplaatsing bevestigt de Raad dat appellant feitelijk als senior rechercheur is geplaatst en dat het niet de intentie was hem in rang terug te plaatsen. De korpsbeheerder zal eventuele onjuiste functievermeldingen corrigeren.
De weigering van toestemming voor nevenwerkzaamheden wordt bevestigd omdat appellant geen direct belang meer heeft, nu hij gestopt is met het strandpaviljoen. De Raad veroordeelt de korpsbeheerder tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellant.
Uitkomst: Het voorwaardelijk strafontslag wordt vernietigd en het primaire besluit herroepen, de overplaatsing en weigering van toestemming worden bevestigd.