ECLI:NL:CRVB:2011:BT8691
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling en proceskostenvergoeding bij beëindiging Ziektewet-uitkering
Appellant ontving een WAO-uitkering en een Ziektewet-uitkering die per 1 september 2008 werd beëindigd wegens herstel. Het UWV weigerde aanvankelijk de ZW-uitkering, maar wijzigde het besluit tijdens het beroep ten gunste van appellant. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees geen proceskosten toe.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de rechtbank het gewijzigde besluit had moeten erkennen en het beroep gegrond had moeten verklaren, inclusief een proceskostenveroordeling ten gunste van appellant. Het medisch onderzoek door verzekeringsartsen was zorgvuldig en concludeerde dat appellant geschikt was voor passende functies.
De Raad handhaaft het gewijzigde besluit van het UWV tot beëindiging van de ZW-uitkering per 10 september 2008, omdat appellant op basis van medische gegevens in staat wordt geacht arbeid te verrichten. De totale proceskostenvergoeding aan appellant wordt vastgesteld op €966,-, inclusief reeds toegekende kosten en griffierechten.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot weigering van de ZW-uitkering wordt gegrond verklaard en het UWV wordt veroordeeld tot proceskostenvergoeding; het gewijzigde besluit tot beëindiging van de ZW-uitkering blijft in stand.