ECLI:NL:CRVB:2011:BT8841
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Herziening ouderdomspensioenen wegens niet-duurzaam gescheiden leven
Appellanten ontvingen een AOW-pensioen naar de norm ongehuwde, terwijl zij sinds 1979 duurzaam gescheiden leefden. Na een onderzoek en een huisbezoek door de Sociale Verzekeringsbank (Svb) werd geconcludeerd dat appellanten niet langer duurzaam gescheiden leefden sinds 1 januari 2006. De pensioenen werden daarop herzien naar de norm gehuwden.
Appellanten voerden in hoger beroep aan dat het huisbezoek onrechtmatig was en dat de herziening in strijd was met het evenredigheidsbeginsel. De Raad oordeelde dat er een redelijke grond was voor het huisbezoek, maar dat niet was voldaan aan de eis van ‘informed consent’, waardoor sprake was van een inbreuk op het huisrecht. Desondanks achtte de Raad het gebruik van de tijdens het huisbezoek verkregen informatie niet ontoelaatbaar.
De Raad bevestigde dat appellanten vanaf 1 januari 2006 niet langer duurzaam gescheiden leefden en dat zij dit niet tijdig en volledig aan de Svb hadden gemeld. Er waren geen dringende redenen om af te zien van herziening. Het beroep op het evenredigheidsbeginsel werd verworpen. De aangevallen uitspraken werden bevestigd, zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De herziening van de AOW-pensioenen wordt bevestigd omdat appellanten niet langer duurzaam gescheiden leefden en geen tijdige mededeling deden.