ECLI:NL:CRVB:2011:BT8949
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen herziening WAO-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid
Betrokkene ontving een WAO-uitkering gebaseerd op een arbeidsongeschiktheid van 80-100%. Het UWV herzag deze uitkering per 27 november 2005 naar 45-55% arbeidsongeschiktheid. Betrokkene maakte bezwaar tegen deze herziening, dat door het UWV ongegrond werd verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van betrokkene gegrond en vernietigde het besluit van het UWV, waarbij het oordeel van de door de rechtbank ingeschakelde deskundige niet werd gevolgd vanwege onzekerheden in diens conclusie.
Het UWV stelde in hoger beroep dat de rechtbank onvoldoende had gemotiveerd waarom het deskundigenoordeel niet werd gevolgd en overhandigde een aanvullend rapport van de bezwaarverzekeringsarts. De Centrale Raad van Beroep overwoog dat het oordeel van de onafhankelijke deskundige in beginsel dient te worden gevolgd, tenzij er concrete feiten of omstandigheden zijn om daarvan af te wijken. De Raad vond het rapport van de deskundige volledig en zorgvuldig en constateerde dat betrokkene geen medische informatie had overgelegd die tot een andere conclusie zou leiden.
De Raad vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep van het UWV ongegrond. Er werden geen proceskosten opgelegd. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 21 oktober 2011.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep vernietigt het vonnis van de rechtbank en verklaart het hoger beroep van het UWV ongegrond.