ECLI:NL:CRVB:2011:BU2089
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken procesbelang bij aflossingscapaciteit bijzondere bijstand
Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen de door het College van burgemeester en wethouders van Leiden vastgestelde aflossingscapaciteit van € 53,92 per maand voor een lening in het kader van bijzondere bijstand. Het College heeft het bezwaar ongegrond verklaard. Appellant stelde vervolgens hoger beroep in bij de Centrale Raad van Beroep.
Tijdens de zitting verscheen appellant niet, het College werd vertegenwoordigd. De Raad stelde vast dat appellant de juistheid van het maandelijkse aflossingsbedrag niet langer betwistte. De door appellant in hoger beroep aangevoerde argumenten hadden geen betrekking op de vastgestelde aflossingscapaciteit of het eerdere oordeel van de rechtbank.
Daarom oordeelde de Raad dat appellant geen procesbelang had bij een beoordeling van het hoger beroep en verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang.