ECLI:NL:CRVB:2011:BU2126
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- E.J.M. Heijs
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering voorschotten Bbz 2004 wegens niet tijdig ingediend verzoek
Het Dagelijks Bestuur van de Sociale Dienst Walcheren (appellant) stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Middelburg waarin een terugvordering van voorschotten op grond van het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Bbz 2004) werd bevestigd. De Staatssecretaris had een bedrag van € 61.464,-- wegens financiële tekortkomingen buiten aanmerking gelaten en € 46.098,-- teruggevorderd.
De Raad overwoog dat appellant niet tijdig een gemotiveerd verzoek had ingediend, zoals vereist op grond van artikel 3, eerste lid, van de Beleidsregels, om toepassing te geven aan artikel 55, derde lid, aanhef en onder b, van het Bbz 2004. Appellant had ten onrechte vertrouwd op de gehanteerde foutmarges en de verantwoording volgens de formats van het Rijk. De Raad stelde dat het niet indienen van een verzoek geen grond gaf voor afwijking van de beleidsregel en dat de Staatssecretaris terecht geen aanvullende informatie hoefde op te vragen.
Het beroep op het gelijkheidsbeginsel en disproportionaliteit van de maatregel werd verworpen omdat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat vergelijkbare gevallen anders waren behandeld of dat de terugvordering niet redelijk was. De Raad bevestigde de aangevallen uitspraak en zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de terugvordering van voorschotten wordt bevestigd.