ECLI:NL:CRVB:2011:BU6601
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.M. van Dun
- J. Riphagen
- J.J.T. van den Corput
- Rechtspraak.nl
Geen recht meer op ziekengeld na herbeoordeling belastbaarheid medewerker komkommerkwekerij
Appellant, werkzaam als algemeen medewerker in een komkommerkwekerij, viel in februari 2006 uit wegens hoofdletsel na een verkeersongeval. Het UWV weigerde hem vanaf februari 2008 een WIA-uitkering toe te kennen en kende hem vervolgens een Ziektewetuitkering toe wegens psychische klachten. Na herbeoordeling verklaarde het UWV hem per 9 februari 2009 hersteld en beëindigde het het ziekengeld. Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, maar dit werd ongegrond verklaard.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. In hoger beroep stelde appellant dat zijn beperkingen door dysthymie niet juist waren vastgesteld en dat zijn GAF-score van 55 wijst op ernstige beperkingen. De Raad oordeelde dat het UWV en de rechtbank een onjuiste maatstaf hadden gehanteerd bij de beoordeling van de arbeid, omdat appellant geen dienstverband meer had en de maatstaf arbeid volgens artikel 19, vijfde lid ZW moet worden vastgesteld aan de hand van soortgelijke arbeid bij een soortgelijke werkgever.
De Raad vernietigde het bestreden besluit vanwege deze onjuiste maatstaf, maar liet de rechtsgevolgen van het besluit in stand omdat aanvullend onderzoek had plaatsgevonden. Dit onderzoek concludeerde dat appellant geschikt was voor de functie medewerker komkommers + sla, een functie die representatief is voor zijn maatgevende arbeid. De Raad vond geen aanleiding om aan deze conclusie te twijfelen, mede gelet op medische rapportages en de beoordeling door de bezwaarverzekeringsarts.
De Raad veroordeelde het UWV tot vergoeding van de proceskosten van appellant in beroep en hoger beroep. Het griffierecht werd eveneens aan appellant vergoed. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 30 november 2011.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens een onjuiste maatstaf, maar de rechtsgevolgen blijven in stand; het UWV wordt veroordeeld in proceskosten.